AOW en algemene heffingskorting niet-werkende partner

Geschreven door
Bernd Pensioen expert
Laatste update: 7 maart 2025 • 2 minuten leestijd
Wanneer jij AOW ontvangt en je partner niet werkt kan de algemene heffingskorting een financieel voordeel opleveren. Maar hoe werkt deze regeling precies? Wanneer heeft je partner recht op uitbetaling van de algemene heffingskorting? En hoe kun je dit het beste regelen? In deze blog leggen we het helder en praktisch uit, zodat je geen voordelen misloopt.

Inhoudsopgave

    Wat is de algemene heffingskorting en waarom is deze relevant?

    De algemene heffingskorting is een korting op de te betalen inkomstenbelasting. Voor mensen met een laag of geen inkomen kan een deel van deze korting uitbetaald worden. Dit is vooral relevant voor niet-werkende partners, omdat zij zelf geen belasting betalen, maar onder bepaalde voorwaarden toch een deel van deze korting kunnen ontvangen via de belastingafdracht van de werkende partner.

    In de praktijk betekent dit dat als jij AOW ontvangt en je partner niet werkt, je mogelijk recht hebt op een extra belastingteruggave. Dit kan een aanzienlijk bedrag per jaar schelen in het gezamenlijke huishouden.

    Voor wie geldt deze regeling?

    Partners geboren vóór 1963 vallen onder de oude fiscale regels waarbij een “één-inkomensgezinnen” belastingvoordeel kan krijgen. Voor partners geboren na 1963 geldt deze regeling niet meer. De overheid heeft de regeling afgebouwd om de arbeidsparticipatie te stimuleren en gezinnen minder afhankelijk te maken van één inkomen.

    De voorwaarden van uitbetaling

    Om in aanmerking te komen voor een uitbetaling van de algemene heffingskorting moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan. Als het inkomen van de niet-werkende partner stijgt of als hij of zij later zelf AOW ontvangt, kan de hoogte van de korting worden beïnvloed.

    • De partner heeft geen of een laag inkomen, bijvoorbeeld uit deeltijdwerk.
    • De partner is geboren vóór 1963.
    • De werkende partner betaalt voldoende belasting, omdat de algemene heffingskorting hiermee wordt verrekend.
    • Er wordt gezamenlijke belastingaangifte gedaan, zodat de korting correct wordt toegepast.

    Dit is de hoogte van de algemene heffingskorting in 2025

    In 2025 bedraagt de maximale algemene heffingskorting €3.068. Deze korting wordt afgebouwd naarmate het verzamelinkomen stijgt. Voor inkomens tot €28.406 wordt de volledige heffingskorting toegekend. Vanaf dit inkomen wordt de korting geleidelijk verminderd met 6,337% van het meerdere, en bij een verzamelinkomen van €76.817 of hoger vervalt de heffingskorting volledig.

    Voorbeeld van de praktijk

    Je ontvangt AOW en je partner heeft geen inkomen en is geboren vóór 1 januari 1963. In dit geval kan je partner recht hebben op uitbetaling van de algemene heffingskorting. Als je verzamelinkomen niet hoger is dan €28.406, bedraagt deze uitbetaling in 2025 €3.068.

    Praktische tips

    Houd er rekening mee dat de uitbetaling wordt afgebouwd naarmate de partner ouder wordt en richting de AOW-leeftijd gaat. Controleer daarom jaarlijks via de belastingaangifte op je partner in aanmerking komt. Doe regelmatig een proefberekening en veranderd het inkomen. Dan is het advies om nogmaals scherp naar de algemene heffingskorting te kijken.

    Zo vraag je de algemene heffingskorting aan

    Optie 1: Via de jaarlijkse belastingaangifte. De Belastingdienst verrekent de korting automatisch na het indienen van de aangifte.

    Optie 2: Via een voorlopige teruggave. Hierdoor wordt de korting maandelijks uitbetaald in plaats van pas achteraf via de aangifte. Dit kan worden geregeld via Mijn Belastingdienst.

    Veelgestelde vragen

    Reacties

    Er zijn nog geen reacties geplaatst.

    Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *